vrijdag 30 januari 2015

Bomen planten in de regen.





De zaailingen op het boomkwekerijtje groeiden goed. Het regenseizoen is in volle gang en het uitplanten stond op het programma voor januari. Nu is de communicatie met VSO Lilongwe over de financiering van projecten op zijn zachts gezegd niet erg duidelijk. Ik kon geen duidelijke toezegging krijgen dat het project betaald gaat worden en het leek er ook niet op dat er snel duidelijkheid over zou komen. Ik wilde niet het risico lopen dat het werk van de afgelopen maanden voor niets is geweest omdat de bomen te laat geplant worden. De laatste kosten voor vervoer en planten dan zelf maar even voorgeschoten. Het gaat niet om een wereldbedrag ongeveer € 160,- en we zien dan later wel of de declaraties betaald gaan worden.

Het bomen planten leek ook een uitgelezen gelegenheid om wat positief nieuws over de gevangenissen in de media te krijgen. Dus vroeg ik of de hoogste officier van de Malawi Prison Service de eerste boom wilde planten. Daar werd heel positief op gereageerd en we gingen aan het regelen. Een vrachtauto, diesel, gevangenen voor het laden en lossen, een lijst van genodigden, een programmaatje en een ceremoniemeester. Eigenlijk liep het allemaal van een leien dakje mede door de hulp van directe collega’s en Mary van het forestry office.
De regen vanuit onze schuilplaats











Vanmorgen, de laatste werkdag in januari, was dus de grote dag. We zouden om 7 uur naar de gevangenis in Mpyupyu vertrekken om ruimschoots op tijd te zijn voor de ceremonie om 9 uur. Het regende dus ik leende Mary een regenjas en we waren niet eens zo erg nat na een tocht op de motor van een half uur. De weg was wel slecht en modderig. Op het uitgekozen terrein waren alle 287 gevangenen in het veld de plantgaten aan het voorbereiden. Een indrukwekkend gezicht. Minder indrukwekkend was het feit dat het na een korte droge periode steeds harder begon te regenen. Op een bepaald moment hoosde het. Gelukkig waren de gevangenen toen teruggebracht, want die hebben natuurlijk geen beschermende kleding.
Het interveuw.











We hadden inmiddels gehoord dat de auto met 5 van de genodigden bij een aanrijdinkje berokken was. Die moesten wachten op de politie voor een proces verbaal en dat kan wel even duren. Tegen elf uur begon het wat op te klaren en kwam de vrachtwagen met gevangenen terug met in het kielzog een wagen met de eregasten en alle stafleden, zeker 100 man, van het hoofdkwartier. Daar had ik eigenlijk niet op gerekend en dat deed me echt goed. Het geeft aan dat dit project wordt gewaardeerd en dat het belang van bomen planten op minder bruikbare landbouwgrond als belangrijk wordt gezien. Er was ook een team van een radio station om interviews te maken. In mijn Hollandse krenterigheid had ik maar voor 2 kratjes soft drinks betaald. De MPS had daar nog 5 kratten bij gedaan. Van die krenterigheid had ik nu wel een beetje spijt.


De Chief Commissioner of Prisons in actie











Na een demonstratie werden de boompjes geplant. Eerst door de hoogwaardigheidsbekleders en daarna door de rest van de aanwezigen. In ongeveer een half uur waren de 3.000 bomen geplant. Volgende week nog zo’n aantal in Mikuyu, maar dan zonder poespas. Ik hoop dat dit als voorbeeld genoeg goodwill heeft opgeleverd om volgend jaar voor veel meer gevangenissen zaailingen te gaan kweken. Dat krijg je er natuurlijk van als je persé in de regentijd wil planten, maar de regen zie ik maar als een zegen, zoals veel Afrikanen vaak doen.
Hier een link naar het stukje over deze dag in het Malawi Prison Magazine.

woensdag 14 januari 2015

Regentijd

 

Als je niet weet waar je het over moet hebben kan je altijd nog over het weer praten. Dat gebeurt overal op de wereld en in Malawi dus ook. Weken achter elkaar hoorde ik: “Wat is het heet, de regen zal nu wel snel komen!” Rond 19 december viel de eerste regen. De meeste akkertjes waren er klaar voor. De mais wordt hier op ruggen gekweekt, die waren bijna overal klaar en er hoefde alleen nog gezaaid te worden. Dat gebeurde vaak in de regen. Toen ik 3 januari uit Kenya terug kwam, 14 dagen later, werd er al kunstmest (N.P.K. 23-21-0+4S) gegeven.










De regen was heftig, maar je mag wel tropische buien verwachten in Afrika, niet? Tot vorige week, toen zag ik tijdens zo’n enorme bui dat de rivier tegenover mijn huis minstens 4 meter hoger stond dan de dag ervoor. Met enorme, verwoestende kracht stortte de watermassa zich naar lager gelegen gebieden, in dit geval Lake Chilwa. De muur om de tuin van mijn overbuurman, die een stuk lager woont, viel om door het wegslaan van de grond. Veerkracht en ondernemersgeest ontbreekt niet in Malawi, dat zag je meteen de volgende dag toen het zand dat de rivier achter liet, in mooie hopen langs de weg als bouwzand werd verkocht.
 Later hoorden we wel dat in de buurt van het centrum van Zomba huizen die dicht bij de rivier stonden helemaal in het water verdwenen waren. Eén dode en vier vermiste kinderen.










In het begin van deze week stortregende het voor 36 uur onophoudelijk. De grond raakte zo door water verzadigt dat bomen hun houvast verloren en omvielen. Hele mais velden stonden onder water en de kunstmest was natuurlijk allang weer uitgespoeld. Zelf bleef ik ook niet helemaal gevrijwaard van ongemak. Het dak van mijn huis bleek op 4 plaatsen behoorlijk te lekken en op verschillende plaatsen sloeg het water door de muren. Het ergst was het in de slaapkamer zodat ik mijn nachtrust moest onderbreken om een paar emmers water op te dweilen. Tot overmaat van ramp viel de stroom uit, dat betekent: Laptop gebruik tot de accu leeg is, maar ook geen internet, niet koken, of ik moet de houtskool brander tevoorschijn halen, geen koffie en lezen bij kaarslicht.











Het regent nog steeds, maar de ergste stortbuien lijken een beetje over. Gelukkig is de schade op mijn boomkwekerijtje beperkt gebleven. Als dit alles al iets positiefs oplevert is dat misschien dat de klimaat verandering wel onderwerp van gesprek is geworden. Iedereen was zich wel bewust van het feit dat bomen kappen en dergelijk niet zo goed is. Je mais veldje aanleggen op een steile helling is ook niet ideaal, maar wat moet je dan?  Maar nu wordt toch wel een verband gelegd met de blijkbaar toch wel uitzonderijke weersomstandigheden. Of dat helemaal klopt is een andere vraag, maar er wordt over gepraat. Ik hoop maar dat dit een bijdrage kan leveren aan de nodige bewustwording.

Nog een verdrietig PS. De tuin waar de jongens van Mikuyu zo goed bezig waren is helemaal ondergelopen. Het is nog maar afwachten hoe het daar verder moet, waarschijnlijk verder tuinieren op een hoger stuk grond. De foto is niet erg bemoedigend. Ik ga er dinsdag heen.

donderdag 1 januari 2015

Kenya.

Lake Baringo

Felice vloog van Schiphol en ik uit Blantyre naar Nairobi en daar ontmoetten we elkaar bij Mike en Marry. Het was een prettige ontvangst in hun prachtige nieuwe huis en het is natuurlijk leuk om met vrienden die je al 40 jaar kent weer bij te praten. Nairobi is een wereldstad, groot en vol, met alle daarbij horende drukte, grote winkelcomplexen en verkeerschaos. Overal wordt gebouwd en aan de weg gewerkt.

Met Mike bezochten we een landbouw- technische school in Limuru, waar hij voorzitter van het bestuur is. De vakantie was net begonnen dus de directeur had tijd om ons rond te leiden. Mooi complex, maar de tuin, waar de leerlingen praktijk opdoen kan wel een opkikker gebruiken.

Voor een tocht door West Kenya hadden we een auto met chauffeur gehuurd die ons ophaalde en de eerste dag naar Naivasha bracht. Daar sliepen we in een veredelde trekkershut, maar we konden een lekker vuurtje maken en hadden een prima avond. 

De volgende dag was het vreselijk druk op de weg. De dag voor kerst waren alle Kenianen op weg naar familie. Dat gaf een enorme verkeersopstopping waardoor we stapvoets moesten rijden tussen Naivasha en Nakuru. De weg naar Lake Baringo was een stuk prettiger al was de laatste 50 km wel erg slecht. Daar hadden we een prachtig hotel en eerste Kerstdag besteedden we aan een boottocht op het meer en een wandeling. Felice zorgde nog voor de nodige opschudding door aan het eind van de dag met een enorme klap achterover te vallen na een misstap. Een gat in haar kop en een flink deel van haar geheugen kwijt voor meer dan een uur. Dat is wel schrikken, maar zo ver van de bewoonde wereld heb je niet veel keus en gelukkig zag alles er na een goede nachtrust veel beter uit en het lijkt dat ze er niets aan heeft overgehouden.










Tweede kerstdag via de prachtige Keriovallei naar Kisumu gereden. Daar ontmoeten we Nellie, een VSO-ster die ik uit Laos kende. Zij liet ons de volgende dag Kisumu zien: een grote stad aan het Victoriameer en dat was heel leuk. Van Kisumu via Kisii (heel druk) naar Kericho, waar we een leuke avond hadden met Jared een VSO-er die ook in Malawi werkt. Door de altijd groene theevelden reden we naar Molo waar we tussen 1971 en 1974 woonden. 

Wachten op de geroosterde vis aan Lake Victoria 

Daar vroegen we in het hotel of iemand Mr. Wilson Wanjema, een oud-collega, kende en een half uur later zat Willy bij ons aan tafel en konden we oude herinneringen ophalen. Het huis waar we toen woonden staat er nog, maar is nu in gebruik als kleuterschool. Er is veel bos gekapt en Molo is enorm groot geworden.

 De pyrethrum kwekerij was een teleurstelling. Daar is niet veel van over. Bijna geen planten, de irrigatie kapot en er werken nog maar een paar mensen. De Pyrethrum Marketing Board heeft er zo’n 15 jaar geleden een zooitje van gemaakt. De boeren werden niet betaald voor geleverde pyrethrum, personeel werd niet betaald en er was geen geld voor de nodige investeringen. Voor boeren was er geen alternatief want pyrethrum bloemen mochten alleen aan de Py-board verkocht worden, ze hadden het monopoly. Toen boeren, na vele maanden wachten, nog steeds geen geld zagen hebben ze massaal pyrethrum opgerooid. Je ziet het nu nergens meer. 
Willy en Flip
De huurauto en een overzicht van Molo











Inmiddels is de pyrethrummarkt geliberaliseerd, maar het is erg moeilijk om weer voldoende goed plantmateriaal te krijgen. Het zal dus nog wel even duren voor er weer pyrethrum uit Kenya komt en dat zal naar Burundi moeten want de fabriek in Nakuru is een ruïne. Erg jammer want pyrethrum is een goede cash-crop, maar Willy gelooft dat het binnenkort weer verbouwd gaat worden.


De vakantie werd op 1 januari afgesloten met een Keniaanse housewarming party in het huis van Mike en Marry. Leuk en gezellig.

dinsdag 16 december 2014

Terugblik








Zo aan het eind van het jaar en vlak voor een vakantie met Felice in Kenya lijkt een goed moment om eens terug te kijken op de tijd dat ik nu in Malawi ben. Ik kwam in februari 2014 aan en al vrij snel had ik de gelegenheid een tocht langs een flink aantal gevangenissen waar getuinierd werd, te maken. Vooral na de rapporten gelezen te hebben over een groot project 10 jaar eerder voelde ik me wel een beetje machteloos omdat er vrijwel niets meer over was van de destijds gedane grote investeringen. De vraag in alle gevangenissen was naar geld om te investeren in de tuinen en farms. Dat geld is er niet, zeker niet nadat de oorspronkelijke financiering van het VSO project in de gevangenis in maart werd ingetrokken omdat er geen project voorstellen waren ingediend. Dat gebeurde dus een maand na mijn aankomst en eigenlijk is nog steeds niet duidelijk hoe de financien van dit project er volgend jaar uitzien.
In een jeugdgevangenis in de buurt van Zomba werkt Stichting Byounique. Anita uit Nederland werkt daar al jaren en we kregen samen vrij vlot een training in duurzame landbouw (Permacultuur) voor 15 jongens gerealiseerd. De financiering kwam voor een deel (30%) van VSO maar het meeste werd opgebrachtl door mensen in Nederland uit mijn adressenbestand. Heel leuk om zo snel iets tastbaars te kunnen doen want er wordt heel enthousiast getuinierd en er wordt veel geleerd. We hopen volgend jaar een vervolg bij een jeugdgevangenis bij Blantyre te kunnen starten.
Het meest plezier heb ik nog in de kleine boomkwekerij die we begonnen zijn bij de grote gevangenis in Zomba. Er is een enorm gebrek aan brandhout voor de gevangeniskeukens en de kosten lopen enorm op. Zelfs als er meer electrisch of op gas gekookt gaat worden blijft brandhout het voornaamste alternatief en hout zal hier in Malawi voorlopig alleen maar een schaarser artikel worden. De kwekerij is dus prima van start gegaan in samenwerking met het District Forestry office en het Forestry Research Institute of Malawi. Ik hoop volgend jaar op veel grotere schaal boompjes te kunnen kweken voor land bij gevangenissen dat niet voor land- of tuinbouw wordt gebruikt.
Omdat er eigenlijk geen duidelijk projectplan voor VSO hier in de gevangenis is en de financiering ook nog niet duidelijk vroeg ik een gesprek aan met de VSO directeur in Lilongwe. We spraken af dat we in januari een vergadering organiseren met alle betrokkenen uit het gevangeniswezen en VSO om het afgelopen jaar te evalueren en om duidelijkheid te krijgen over het project volgend jaar. Wat gaan we doen? Wat ijn de criteria? Hoe wordt alles gefinancierd? E.d. Het zal sterk van deze bijeenkomst afhangen wat er volgend jaar hier gaat gebeuren. Er is sprake van, dat een VSO vrijwilliger uit Indonesie hier komt om de vakopleidingen in de gevangenissen te gaan begeleiden. Heel nuttig maar dan moeten wel de voorwaarden duidelijk zijn. Het heeft weinig zin om samen op financiering te gaan zitten wachten.


Om het even samen te vatten. Ik vind het hier in Malawi erg leuk. Een mooi land met vriendelijke mensen. Het werk in de gevangenissen is in principe ook erg nuttig. Je kunt met weinig middelen veel bereiken, maar het moet wel gebaseerd zijn op een goed beleid, zodat er ook een beetje kans op een duurzame voortzetting is. De grote investeringen die in het verleden gedaan zijn zonder dat er gezorgd werd voor een structurele oplossing, maken duidelijk dat dat moeilijker is als je denkt. Dat er veel geld aan een project wordt besteed, is absoluut geen garantie voor duurzaamheid.

donderdag 27 november 2014

Schooltuinpresentatie


Op een barbeque hier in Zomba kwam ik Sarah Roelker tegen, een Duitse die voor twee Teacher Training Colleges (TTC) hier in de buurt werkt. Ze vertelde dat ze in het programma van de scholen wel wat meer aandacht voor milieu-educatie zou willen. Ik zei dat ik daar misschien wel bij zou kunnen helpen, als daar belangstelling voor was. In overleg met Sarah hebben we besloten dat het waarschijnlijk het leukst is iets meer te vertellen over het praktische natuur onderwijs zoals dat op de schooltuinen in Amsterdam gegeven wordt. Met foto’s van oude memorysticks en van internet heb ik toen een PowerPoint presentatie gemaakt over de Amsterdamse schooltuinen. Of ik die presentatie wilde geven aan alle studenten. Het bleek te gaan om een school in Machinga met 600 studenten. Zes presentaties van een uur voor ongeveer 100 studenten per keer.

De PowerPoint presentatie

Afgelopen vrijdag was de eerste sessie voor drie groepen. Het lijkt veel, 100 studenten, maar de groepen zijn heel gediciplineerd en gewend aan les krijgen in grote groepen. Ik moest er wel even aan wennen dat ik weinig feedback kreeg. Je voelt je altijd wel weer even op je plaats gezet als er van de 300 mensen maar 1 of 2 weten waar Amsterdam ligt, maar als je dan bedenkt hoeveel Nederlandse PABO studenten Lilongwe op een blinde kaart van Afrika zouden kunnen aanwijzen....... 

De belangstelling was groot en iedereen was vol aandacht, maar eigenlijk moet je iedere reactie uitlokken, vooral als het om ideeën over onderwijs of zo gaat. Bij kennisvragen gaat het beter; de kiemingsvoorwaarden rolden er in iedere groep zo uit. Dat verwacht je dan weer niet in Nederland. Waarom het didactische voordelen heeft te werken met individuele tuinen boven een flinke lap grond met mais of uien is voor hen een revolutionair idee. Al met al vond ik het heel leuk om te doen en je ervaart de effecten van de verschillen in onderwijssysteem aan den lijve.


De nieuwe week begon met een dag in het kantoortje van James, onze Prisons Wizz kid. De laptop die ik had uitgeleend was voorzien van een illegale versie van Windows. Dat had ik al gezien en er was een legale versie op gezet, maar op de achtergrond bleef de oude versie draaien en ik kreeg een zwart scherm. James kon er een nieuwe versie opzetten maar de harde schijf moest formatteerd zodat ik alles wat ik in de tussentijd had terug gezocht, weer kwijt was. Een hele dag hebben we besteed aan het herstellen en opnieuw downloaden van programma’s maar nu lijkt het allemaal weer te werken. Met dank aan James die een opmerkelijke handigheid heeft in het omzeilen van alle obstakels van Microsoft.



vrijdag 31 oktober 2014

Wereldomroep


Heel af en toe komt er nog wel eens een brief of een pakje per post. Altijd leuk, maar ik herinner me dat ik in Kenya, 40 jaar geleden, dagelijks langs het postkantoor ging en dat er meestal wel iets was. Daar leefde ik op. Dat we nu digitaal leven, merk je goed als je laptop is gejat. Gelukkig had ik nog een oude die ik kan gebruiken, maar het blijft behelpen en je bent volledig afhankelijk van de techniek.

Tot voor een paar jaar kon je nog met een kortegolf radio de Wereldomroep Nederland ontvangen. Die uitzendingen zijn tijdens een bezuinigingsronde van de vorige regering gestopt. Het idee daarachter lijkt wel redelijk: ‘Je hebt nu toch Internet?’ De praktijk is weerbarstiger. Mijn internetverbinding laat hier te wensen over. You-tube filmpjes op Facebook en Uitzending-gemist kan ik zowiezo wel vergeten. Met veel geluk kan ik een stukje Radio 1 live beluisteren, maar als er teveel collega’s ook gaan internetten kan ik het schudden. 
Om onduidelijke redenen werkt mijn podcast manager hier ook niet goed. Buitenhof was vorig jaar nog als podcast te krijgen, nu niet meer. De VPRO site heeft veel programma’s die je terug kan luisteren, maar ze maken nu gebruik van Adobe Flash Player. Dat is een programma dat in Google Chrome is geintergreerd. Om het te begruiken moet je de Flash Player in de Programfiles uitschakelen en in de Systemfiles activeren. Dat klinkt ingewikkeld en dat is het ook. Het is mij uiteindelijk gelukt, maar het werkt alleen bij de internet verbinding op mijn werk. Waarom?

Hier in Malawi wordt wel het programma van de BBC op de FM uitgezonden. Dat is mijn belangrijkste bron voor auditief nieuws. Voor de achtergrond lees ik de opgestuurde Groene Amsterdammers en de Correspondent op internet.


Dit allemaal in de nasleep na het verdwijnen van veel van mijn digitale geheugen in de gestolen laptop, telefoon en camera. Uit nostalgische redenen en als klein eerbetoon aan de Wereldomroep hier een column van Karel van het Reve over inbraken en dan vooral de Nederlandse tegenhanger. Karel van het Reve schreef 10 jaar lang briljante columns voor de Wereldomroep, dat is natuurlijk alleen echt bekend bij voormalige luisteraars van de Wereldomroep.
Menigeen die in de binnenlanden van Afrika woont wil misschien van een inboorling wel eens weten wat er waar is van de bewering dat je in Amsterdam op klaarlichte dag door rovers overvallen kunt worden, dat het ’s nachts op straat helemaal niet pluis is en dat je beter niet naar de schouwburg en de bioscoop kunt gaan of naar een verjaarsvisite, want bij terugkomst vind je je huis leeggeroofd. 
Welnu ik ben een inboorling van Amsterdam en ik kan u dat allemaal precies vertellen. Vraag u maar. Dus u wilt weten of het waar is dat wie in Amsterdam de straat op gaat door rovers wordt uitgeschud. Die vraag is niet zo gemakkelijk te beantwoorden. Ik ben bijvoorbeeld in de 58 jaar dat ik in Amsterdam woon nog nooit op straat beroofd. Maar laatst sprak ik bekende Nederlandse publicist, genaamd: Ischa Meijer, en die vertelde me dat hij kort geleden door twee potige dieven door zijn portefeuille beroofd was bij het verlaten van zijn dure flat aan één van onze grachten. Ook is nog niet zo lang geleden mijn vrouw van haar portemonee beroofd in lijn 4, op weg naar het Centraal Station, zodat ze geen kaartje voor de trein kon kopen en aan een onbekende meneer een kwartje moest vragen om mij op te bellen met het verzoek haar een nieuwe geldvoorraad te brengen.
Mocht u ooit uit de binnenlanden van Afrika in Amsterdam terechtkomen; dan zou ik u inderdaad aanraden voorzichtig te zijn in lijn 4. Een Russische vriendin van ons is in diezelfde lijn 4 van haar handtas beroofd. Ze vroeg nog aan de dief om haar die tas terug te geven, maar dat deed hij niet. Misschien verstond hij haar niet. 
Wat de inbrekers betreft kan ik u het een en ander vertellen want er wordt in ons huis ongeveer één keer per jaar ingebroken. We hebben, geloof ik, deze week onze vijfde inbraak gehad. Je hebt twee soorten inbraken: terwijl je thuis bent en terwijl je niet thuis bent. We zaten bjvoorbeeld in de huiskamer en mijn vrouw zei: “Er loopt iemand op de bovenverdieping, moet je niet eens gaan kijken” “Onzin,” zei ik, “allemaal verbeelding.” Maar even later hoorde ik zelf ook duidelijke stappen. Ik ging naar boven en ik zag de inbreker nog net door een raampje naar buiten verdwijnen. Ik geloof dat het die keer was dat hij een taperecordertje van 600 gulden meenam. De andere keer lagen we te bed en werd er aan onze slaapkamerdeur gemorreld. “Er morrelt iemand aan onze slaapkamerdeur.” zei mijn vrouw, “Ga eens kijken.” Ook nu wilde ik haar niet geloven, maar toen hoorde ik dat morrelen ook. Ik zocht mijn bril, deed het licht aan, stond op en rukte de deur open om de inbreker op het ongeoorloofde van zijn handelingen te wijzen. Maar hij was al weg. Ik hoorde zijn voetstappen in de gang en toen het dichtslaan van de buitendeur.We waren de vorige avond net van een buitenlandse reis terug gekomen en in mijn colbertje net buiten onze slaapkamerdeur in de gang aan een haakje gehangen, zat mijn pas, mijn giropas en mijn girocheques. De dief had alles meegenomen en twee dagen later kreeg ik een keurige afschrijving van het girokantoor. Twintig cheques van 200 gulden had de dief verzilverd.
Maar het vevelendst zijn de inbraken als je niet thuis bent. Je komt ’s avonds thuis en je hele huis is overhoop gehaald. De rommel is onvoorstelbaar en wordt ontzèttend kwaad. Je zou die inbreker wel met je eigen handen willen wurgen. Maar dat kan niet, want die al lang vertrokken. De politie leeft mee, neemt een paar vingerafdrukken, maakt proces verbaal op, maar de dief blijft vrij rondlopen en komt een half jaar of een jaar later weer terug en weer haalt hij je hele huis overhoop. Een paar dagen geleden kwamen we thuis en een keukenraam dat nog nooit open was geweest, stond wijd open. Grote rommel in de keuken en de radio was weg. Maar zo kwaad als de eerste keer was ik toch niet. Je went aan die dingen zoals u gewend bent aan de geheimzinnige geluiden van de tropennacht.

donderdag 23 oktober 2014

Telefoon



Deze blog was in concept klaar toen mijn laptop, telefoon en camera uit huis werden gejat. Dan weet je ineens weer dat niet alles een back-up heeft. ‘s Nachts, toen de nachtwaker een vrije dag had, hebben ze de buitendeur opengebroken en door het anti-inbraakhek met een lange bamboostok alles naar buiten gehengeld. Lastig, maar ik had gelukkig een oude laptop in bruikleen gegeven aan een kennis en die gebuik nu weer even.

Over telefoons dus, ook hier een heel belangrijk deel van het dagelijks leven. Bijna iedereen heeft er wel een, maar soms wel erg oud en van discutabele kwaliteit. Je kunt hier voor 5,- een Chinese telefoon kopen, maar de kwaliteit is zo slecht dat een gewoon gesprek haast niet te voeren is. Ook is het beltegoed vaak niet toereikend. Dat heeft als gevolg dat je "geflashed" wordt.. Men laat je telefoon  één keer overgaan in de hoop dat jij terugbelt. Ik moet vaak terugbellen. Wat ook wel eens wat wrefel oplevert is dat niemand hier zijn naam noemt als hij of zij de telefoon opneemt. Als je je telefoon bent kwijtgraakt, zoals ik, en de nummers staan niet meer in het geheugen moet je steeds vragen met wie je spreekt.

Er zijn hier twee grote telefoonbedrijven, Airtel, actief in heel Afrika, en TNM. Er wordt daar veel geld verdient. Het zijn tevens de grootste internet providers want de internet verbinding is hier vaak via de telefoon of met een dongel via het telefoonnet.

Beltegoed wordt hier nog meestal op straat gekocht al kun je tegenwoordig ook via de telefoon opwaarderen. Bij de bank en de Supermarkt wordt je gevraagd of je ‘Airtime’ wil kopen, en langs de weg staan grote parasols waar de verkopers onderzitten. Ze verkopen ook wel snoep of cola en je kunt een telefoon lenen om te kunt bellen. Je koopt hier telefoontegoedkaartjes tussen de 0,10 en 2,-. Dat zijn een soort krasloten waarvan je het 14 cijferige nummer moet je intoetsen. Daar ben je soms wel even mee bezig. 

Vaste telefoons zie je niet, dat stadium is hier overgeslagen. Het is hier niet gebruikelijk om tijdens een gesprek of vergadering je telefoon uit te zetten. Mijn baas heeft een zeer luide ringtoon met een mars van de militaire kapel van de gevangenis, dat is altijd even schrikken tijdens een gesprek of vergadering.

Belangijk hoor, zo’n telefoon. Een week of wat geleden werd ik gevraagd te helpen bij de aanschaf van wat schriften voor Lucy een kennisje dat nog naar de middelbare school gaat. Voor MK 250 ( 0,50) heb ik 5 schriften gekocht al waren die niet van de kwaliteit waar ze op gehoopt had. Een paar dagen later kwam ik haar tegen en zei ze dat de batterij van haar telefoon stuk was. Daar moest een nieuwe voor komen al moest het geld geleend. Toen ik haar wees op het verschil in prioriteit met de schriften, zei ze. “But I have to communicate”.

Excuses voor de wat mindere kwaliteit van de plaatjes. Die zijn gemaakt met mijn nieuwe Chinese telefoon.

Via Facebook kwam ik op en stukje over het  gebruik van mobieltjes in Afrika leuke achtergrond info klik hier voor de link.