Posts tonen met het label boomkwekerij. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boomkwekerij. Alle posts tonen
zaterdag 16 februari 2019
zaterdag 30 januari 2016
Ups en downs
De ongelooflijke veerkracht van de Afrikaanse natuur heeft
het wat teleurstellende verhaal uit de vorige blog toch nog een positieve wending
gegeven. De zaailingen op de rekken die door het gebrek aan water geven
behoorlijk te lijden hadden zijn er voor een flink deel weer aardig bovenop
gekomen. Hoewel al het blad eraf gevallen was en ze er behoorlijk beroerd
uitzagen, zijn we blijven water geven en wonder boven wonder zijn de meest
boompjes weer gaan uitlopen en is niet meer dan 10-20% verloren gegaan. Ik moet
zeggen dat dat beter is dan ik had durven hopen.
Het regent hier nu dagelijks en het onregelmatige
regenpatroon, dat ons uitdroog probleem veroorzaakte, lijkt voorbij. Die
onverwachte droge perioden hebben ook de distributie van onze boompjes vertraagd.
De gevangenissen waar we de zaailingen heen sturen kunnen alleen maar planten
als het genoeg regent en dat uitplanten neemt ook wel wat tijd. Als het niet
regent kunnen de zaailingen beter verzorgd worden op onze kwekerij, waar water
en ervaren mankracht genoeg is. We hebben dus een pauze in het vervoer ingelast
toen ongeveer de helft van alle boompjes geleverd was. We hopen snel de rest
te kunnen afleveren nu het weer genoeg regent.
Nog een andere ontwikkeling is het melden waard; één van de
gevangenissen waar we boompjes afleverden vroeg om wat fruitbomen. Fruit is een
heel goede en welkome aanvulling op het gevangenisdieet. Het was mij niet
gelukt om bij het opzetten van het kwekerijtje goede zaden van vruchtbomen te
krijgen. Je kunt avocado, limoen, guave, papaja, mango en verschillende lokale
vruchten goed zaaien. De lokale vruchten, Masao (Ziziphus mauritiana) en Masuku
(Uapaca kiriana) had ik op de markt gekocht en de zaden netjes uitgezaaid dat
ging goed.
![]() |
| Masao |
![]() |
| Masuku |
![]() |
| Masuku |
Ik hoorde ook dat je bij de Botanische tuin in Zomba zaailingen van
limoen, guave en geënte mango’s kon kopen. Van een ‘small grant’ van VSO en een
andere gift heb ik daar van alle beschikbare soorten 50 boompjes gekocht. Daar wordt een
kleine boomgaard bij een gevangenis in de buurt aangeplant. Van iedere soort
heb ik 10 exemplaren achtergehouden om te kunnen planten bij de school in de gevangenis, Zomba
Central Prison. De coördinator had mij al eens om wat vruchtbomen gevraagd en
nu was er in de les van groep 7 het woord ‘boomgaard’ ter sprake gekomen. Een
mooie aanleiding om de gevangenen uit groep 7 te laten helpen bij het planten
van de vruchtboompjes. Leuk om te ervaren hoe gemotiveerd de gevangenen zijn.
De plantgaten werden perfect en met wat compost ben ik er zeker van dat de
fruitoogst niet lang op zich zal laten wachten. Het werk werd afgesloten met
het onvermijdelijke staatsieportret.
Langs de weg naar het hoofdkwartier van de MPS en langs de
buitengrens planten we nu ook boompjes. Drie meter uit elkaar en over een
aantal kilometers, dus dat gaat ook over een respectabel aantal.
woensdag 11 november 2015
Balans opmaken.
Op 1 augustus liep mijn contract van 18 maanden in Malawi
af. Om nog een boomplantseizoen mee te kunnen maken heb ik gevraagd om een
verlenging van 6 maanden. Tot 1 februari 2016 dus, want tot die tijd heb ik ook
een werkvergunning. Zo kon er nog een flinke hoeveelheid boompjes beplant
worden in december-januari als het hier genoeg regent om ze in de volle grond
te zetten. Nu, begin november, zijn we op het punt dat de meeste boompjes zijn
gezaaid, dus nu verder verzorgen en onderhouden tot ze uitgeplant kunnen worden.
We
hebben hier 4 gevangenissen met veel land voor geselecteerd en van één andere
gevangenis en een trainingscentrum kregen we ook de vraag of er boompjes
beschikbaar waren. We kiezen stukken land die wat minder geschikt zijn voor mais
of groente. Er wordt in de gevangenissen nog vrij veel op houtvuur gekookt en
het geld voor brandhout komt direct uit het budget voor de rantsoenen. Je mag
dus verwachten dat een besparing daarop ten goede komt aan het menu van de
gevangenen. We hebben ook een aantal boomsoorten die in combinatie met andere
gewassen geplant kunnen worden. (Agroforestry)
Die gewassen profiteren dan van de door vlinderbloemige
bomen vastgelegde stikstof en natuurlijk de schaduw. Dit project loopt goed en
de medewerking en inzet van de staf is uitstekend.
![]() |
| Enkele van de boomsoorten die op de kwekerij staan |
Er was al een tijd sprake van een groot project in Zuidelijk
Afrika om de gevangenissen in 8 landen
te ondersteunen in gezondheidszorg en rehabilitatie. Regional Health and AIDS Initiative for Southern Africa.(RHAISA) Het project gaat aan het
eind van het jaar van start in Swaziland, Zimbabwe en Malawi en het accent zal
liggen op gezondheidszorg en mensenrechten. Zoals gebruikelijk namen de
voorbereidingen meer tijd in beslag dan gedacht, maar uiteindelijk vroeg VSO
Lilongwe of ik mijn contract wilde verlengen om aan dit RHAISA project mee te werken.
Daar heb ik lang over gedacht, maar uiteindelijk besloten dat het bij twee jaar
in Malawi maar moet blijven voor mij. Mijn belangrijkste reden daarvoor is, dat
de nadruk in dit project ligt op gezondheidszorg en dat ik denk dat het veel
meer organisatie en controle is dan het praktische tuinbouw werk dat ik nu heb
kunnen doen. Natuurlijk spelen er nog veel meer zaken een rol in het nemen van
de beslissing om Malawi en de Malawi Prisons Service te verlaten.
In december
stopt Felice met haar werk op de Springplank en komt ze naar Malawi. We kunnen
dan dus weer de keuze maken samen iets nieuws te ondernemen, in Afrika of in
Nederland. Het uitplanten van de zaailingen uit het boomkwekerijtje lijkt een
mooie natuurlijke afsluiting van een goede tijd in een mooi project en een fijn
land. Malawi wordt niet voor niets: “The warm heart of Africa” genoemd. Vooral
het moestuintje, met bananen, papaja, een citroenboompje en ananas zal ik
wel gaan missen.
Hoe het verder zal gaan na 1 februari gaan Felice en ik dus
bedenken, als ze hier in december is; misschien een ander project, misschien
terug naar Nederland, maar in ieder geval na een lekkere vakantie hier in
Zuidelijk Afrika.
Sinds vorige week heb ik ook een huisgenoot. Via een
WhatsApp chatgroep kwam ik in contact met Christiaan die hier, in Malawi, met
zijn vrouw, twee jaar als tropenarts gaat werken in een ziekenhuisje in Malosa
(35 km van Zomba) Hij krijgt een introductie in het districtsziekenhuis in
Zomba, waar ik dichtbij woon. Leuk om wat aanspraak te hebben en wat van de
dagelijkse dingen samen te regelen. Christiaans blog
maandag 19 oktober 2015
Nog een gewone dag.
Vorig jaar heb ik al eens beschreven hoe mijn dag eruit
ziet, maar iemand vroeg om dat nog eens te doen en omdat er toch wel een en
ander veranderd is, nog maar eens een gewone dag.
Het begint hier vroeg. Meestal ben ik om half 6 wakker en
tegen 6 uur zit ik aan het ontbijt. Om half 7 uur vertrek ik lopend naar de
boomkwekerij. Ik loop ongeveer 20 minuten, het grootste deel over gevangenis
terrein. De gevangenen zijn meestal net bezig als ik aan kom.
We hebben nu al 35.000 zaailingen van inheemse boomsoorten.
Ik vind het heel leuk om te kijken hoe het met de kieming staat, even wat te
wieden en te bespreken wat er nog gedaan moet worden. Het is hier gewoonte om
de boompjes te zaaien in plastic potjes zonder bodem. Dat betekent dat de
potjes als de boompjes eenmaal groeien regelmatig opgetild moeten worden om te
zorgen dat ze niet doorwortelen. Sommige soorten kunnen beter op een rek van
bamboe worden gekweekt omdat ze erg gevoelig zijn voor wortel beschadiging. Die
bamboe voor die plantrekken wordt met de hele groep gevangenen in de buurt
gekapt. Ik moet daar bij de gemeente een vergunning voor aanvragen (€ 0,25 per
boom). Het is wel een leuk gezicht zo’n groep gevangenen het terrein af te zien
lopen, met grote kapmessen en twee bewakers met één oud geweer.
De zaailingen van de kwekerij moeten groot genoeg zijn om als
het echt regent, in januari, uitgeplant te kunnen worden. Dat gaat lukken, we
hebben gepland om bij 4 gevangenissen te planten voor brandhout. We hebben ook
soorten die in combinatie met mais geplant kunnen worden. (Agroforestry) Vlinderbloemigen
die stikstof vast leggen en ervoor zorgen dat er behoorlijk op de stikstofgift
bezuinigt kan worden.
De kwekerij is mijn meest praktische kant van het werk op
het ogenblik en ik kom er graag, maar om een uur of 9 is het tijd om naar
kantoor te gaan. Email en internet natuurlijk, niet altijd even snel, maar
goed. Daar schrijf ik ook rapportjes, aanvragen, hou de financiën bij etc. Overleg
met mijn baas of het Forestry department hoort er ook bij. Natuurlijk moeten er
ook soms gereedschap of materiaal gekocht worden.
| Mijn prikbord, met kaarten uit Nederland |
Dinsdags ga ik, tussen de middag, een uurtje helpen met de tuinclub
van Sir Harry Johnston International
School. Een naschoolse activiteit met een leuk groepje van een kind of 8.
Woensdagmiddag is tijd voor sport, maar ik gebruik de tijd om boodschappen te
doen. Bij de school is ook een zwembad waar ik vaak in het weekend kom.
Tussen 4 en half 5 naar huis en dan een beetje in de tuin werken,
wat water geven, alvast wat oogsten voor het eten. Om een uur of 5 komt John de
nachtwaker, die kookt vaak eerst zijn eigen potje en dan is het tijd om Bao te
spelen en een pilsje (Carlsberg) te drinken op de veranda. John verbaasd zich
er nog steeds over dat het bij maar één flesje blijft. Om 6 uur is het donker
en ga ik naar binnen om te koken en naar het
BBC nieuws te luisteren.
’s Avonds even contact met het thuisfront via Skype en dan
een film of een tv serie op dvd. Zonder internet en laptop zou het hier een
stuk moeilijker zijn. Rond een uur of 10 wordt het tijd voor een douche en een
goede nachtrust.
maandag 28 september 2015
De ‘clocktower’.
Vanaf het boomkwekerijtje, waar ik nu iedere dag kom, heb ik
zicht op een toren met een klok, de ‘clocktower’. De klok staat stil, maar de
toren is een monument dat verder goed wordt bijgehouden. Het is ter
nagedachtenis aan Malawische soldaten, gevallen in de Eerste Wereldoorlog. Mijn
kwekerij ligt tussen een grote kazerne en militair wooncomplex en de gevangenis
Zomba Central, beide gebouwd in 1911. Het is eigenlijk vreemd dat het bewaken
van burger gevangenen in handen van een militaire organisatie is, maar dat
heeft zijn wortels in het Engelse koloniale systeem. Malawi was een
protectoraat, dat toen nog Nyassaland heette en militairen waren zeer nauw
betrokken bij het landelijk bestuur. Onder andere inden ze belasting, bouwden wegen
en waren verantwoordelijk voor de gezondheidszorg en de rechtspraak.
Het leger van Malawi is ontstaan uit een groep
missionarissen en handelslui die in 1888 zich gewapend verzetten tegen de slavenhandel
van de Portugezen uit Mozambique. Bij Karonga in het Noorden van Nyassaland, is
een flinke slag geleverd. Dit ongeregelde groepje vechtersbazen werd in 1891 een
koloniaal leger met als eerste beroepsmilitairen 150 Indiase Sikhs uit de Brittish
Central African Rifles. In 1902 werd dit leger de King’s African Rifles in het
Brits protectoraat Nyassaland. De invloed van de Indiase militairen is nog in
het Chichewa te vinden in woorden die dagelijks worden gebruikt. Veel gebruikte
woorden als galimoto (auto), basi (genoeg), chai (thee) zijn daar voorbeelden
van.
Malawische soldaten hebben in de loop der tijd in veel delen
van Afrika gevochten (Mauritius, Gambia, Ghana, Uganda, Kenya) ook onder heel
moeilijke omstandigheden, zeker in WO I. Onder veteranen uit beide
wereldoorlogen werd over WO II gesproken als “the war with tea”. De fouragering
was toen kennelijk een stuk beter. Malawiërs vochten ook mee in Oost Afrika
tegen het Duitse Koloniale leger in wat toen Tanganyika heette. Een flink deel
van de gesneuvelden stierven niet aan verwondingen, maar aan tropische ziektes
en ander ontberingen.
In een kamer vlak naast mijn huis woont een Malawische soldaat. We kwamen aan de praat omdat hij weleens op de fiets door mijn tuin komt. Hij wil graag uitgezonden naar Zuid Soedan. Veel Afrikaanse troepen worden ingezet bij vredes missies van de VN in andere Derde Wereld landen. Het Westen betaalt flink mee aan zulke missies en hoeft, in ruil voor die financiële steun, minder troepen te leveren. De sneuvelbereidheid van Westerse troepen voor de internationale rechtsorde is niet bijzonder groot. De Afrikaanse soldaten komen graag in aanmerking voor de VN toelages, maar aan deze vorm van Zuid-Zuid hulp kleven ook weer andere bezwaren. Nepalese VN troepen werden genoemd als mogelijke mede veroorzakers aan een cholera uitbraak in Haïti.
![]() |
| King's African Rifles in 1916 |
Abonneren op:
Posts (Atom)





